Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

#Monk`s House- Virginia Woolf

Monk’s house - Virgina Woolf    (Paul Geerts)


Our garden is the envy of Sussex. We have discovered a colchicum, like a little purple tulip, which you plant one week and it comes up the next... Really, I don't believe anything is so lovely as a garden on a hot day.", schreef de Britse schrijfster Virginia Woolf in 1925 in een brief aan een vriendin.

clip_image001(76).jpg

Iedereen in Sussex is jaloers op onze tuin. We hebben een colchicum ontdekt die eruit ziet als een kleine tulp en die je de ene week plant, en de andere week komt hij al boven de grond. Echt waar, ik geloof niet dat er iets mooier is dan een tuin op een warme, zonnige dag.

Virginia Woolf (1882-1941), zelf beïnvloed door o.a. Marcel Proust en Joyce, genoot al snel faam als stijlvernieuwster. Haar impressionistisch getinte romans als 'Mrs. Dalloway' (1925), 'To the Lighthouse' (1927) en 'The Waves' (1931), waarin sfeer en de innerlijke ervaring van de protagonisten centraal staan, werden klassiekers in de moderne literatuur. Een deel van haar oeuvre is min of meer biografisch. Zo was haar 'Orlando: a biography' in grote mate geïnspireerd op dichteres en schrijfster Vita Sackville-West, met wie ze jarenlang een liefdesrelatie had. In haar briljante essays was ze ook een voorvechtster voor de (schrijvende) vrouwen in een mannenmaatschappij, wat haar - vooral in feministische kringen - blijvende waardering bezorgde. Samen met haar man Leonard Sidney Woolf stichtte ze de baanbrekende uitgeverij The Hogarth Press. Leonard gaf al haar werk uit en publiceerde ook uittreksels van haar dagboeken, waarin duidelijk wordt welke hoge eisen de schrijfster aan zichzelf stelde. Elk boek liet haar uitgeput en vol twijfels achter, tot ze in 1941 na haar zoveelste zenuwinzinking de verdrinkingsdood verkoos vlakbij haar huis.

Woolfs naam is onlosmakelijk verbonden met de zogenaamde Bloomsbury Group, een groepje jonge Britse intellectuelen - waaronder de schrijvers E.M. Forster, Aldous Huxley, W.H. Auden, de schilders Roger Fry en Duncan Grant, de economist John Maynard Keynes en de kunstcriticus Clive Bell - die in het begin van de 20ste eeuw geregeld samenkwamen in de Londense wijk Bloomsbury En hoewel de meeste bloomsberries echte stadsbewoners waren, waren ze ook niet ongevoelig voor de charmes van het platteland. Virginia en Leonard Woolf kochten in 1919 een buitenhuisje in het dorpje Rodmell in Sussex. " The orchard was lovely and the garden was the kind I like, much sub-divided into a patchwork quilt of trees, shrubs, flowers, vegetables, fruit, roses and crocus tending to merge into cabbages and currant bushes", schreef Leonard Woolf in zijn autobiografie 'Beginning Again'.

De boomgaard was prachtig en de tuin was het soort tuin waarvan ik hou, onderverdeeld in gedeeltes met bomen, heesters, bloemen, groenten, fruit, rozen en crocussen die groeien tussen de kolen en het struikgewas. In het begin bracht het echtpaar er vooral de weekends en zomervakanties door samen met Bloomsbury-vrienden. Ze ontdekten er de geneugten van het buitenleven en ontpopten zich tot verwoede tuiniers. In de loop der jaren verbleven ze er meer en meer en raakten ze ook steeds meer betrokken bij het dorpsleven. Ze werden zelfs echte 'ecologisten avant la lettre' en engageerden zich in een actiecomité om het landschap rond Rodmell (the downs) te beschermen. Met het geld dat Virginia's romans opbrachten, werd Monk's House opgeknapt en uitgebreid. Virginia genoot van de tuin, maar tuinieren was, in tegenstelling tot haar man, niet echt haar hobby of passie. Voor Virginia was Monk's House op de eerste plaats een plek om tot rust te komen van het koortsachtig drukke sociale leven in Londen, en een bron van inspiratie. In haar laatste novelle, 'Between the Acts', beschrijft ze de vijver met goudvissen die Leonard enkele jaren voordien had aangelegd. In 'To the Lighthouse' wandelen Mr en Mrs. Ramsey in de tuin van het buitenhuis dat ze huren voor de vakanties, en waar ze de dahlia's en de kniphobia's bewonderen, twee planten die tot de vaste waarden van Monk's House behoren. En in 'The Waves' neemt de tuin van Monk's House zelfs een centrale plaats in.

Virginia hield er ook van lange wandelingen te maken in de streek. Maar soms bracht ze, geplaagd door haar geregeld weerkerende mentale crisissen, wekenlang in bed door. In maart 1941, net op het ogenblik dat Hitler Londen bombardeerde, kreeg ze een zoveelste depressie en pleegde Virginia zelfmoord. Ze was toen 59. Met haar zakken gevuld met stenen liep ze in het riviertje the Ouse onderaan de tuin en verdronk. Het zou drie weken duren voor enkele tieners die langs het riviertje picknickten, haar lijk vonden. De laatste woorden in haar dagboek, vier dagen voor haar zelfmoord, waren: "L. is doing the rhododendrons...". Leonard Woolf bleef in Monk's House wonen tot aan zijn dood in 1969. Huis en tuin zijn nu eigendom van The National Trust. Enkele jaren geleden werd Monk's House nauwgezet gerestaureerd op basis van de geschriften en de nota's van de Woolfs zelf. Het is nu, samen met Charleston Farmhouse, het huis van haar zus Vanessa enkele kilometers verderop, een echt bedevaartsoord geworden voor Bloomsbury-adepten.Het huis, dat helemaal werd ingericht zoals in de tijd van de Woolfs, is volgestouwd met herinneringen aan Bloomsbury: schilderijen van haar zus Vanessa, haar neef en nicht Quentin Bell en Angelica Garnett, van Roger Fry en Duncan Grant, meubelen en allerlei huisraad die door de Bloomsbury-artiesten werden beschilderd en vooral boeken, honderden boeken. In de tuin ligt de 'tuinwerkkamer' van Virginia van waar men een prachtig zicht heeft op de tuin en op de vallei van het riviertje Ouse. Hier schreef ze haar meeste boeken en artikelen.

Helemaal achteraan in de tuin, achter het grote grasveld met de visvijver uit Between the Acts, ligt de ouderwetse groententuin die door Leonard zelf werd onderhouden en die niet alleen voorzag in de behoeften van de Woolfs en van hun vele artistieke vrienden die Monk's House frequenteerden. Leonard ging ook geregeld naar de markt in het naburige Lewes om groenten en fruit te verkopen. De boomgaard met hoog gras waarin met de grasmaaier eenvoudig paden worden vrijgehouden, is er nog altijd. In de lente en de herfst bloeien er duizenden bolplanten. Er staan ook enkele forse exemplaren van ondermeer Salix hastata Wehrhahnii, Magnolia liliflora en Catalpa Bignioides. Vlak bij het huis ligt een ommuurd gedeelte waar een meer formele vaste plantentuin werd aangelegd met enkele beeldhouwwerken en een rechthoekige vijver. Een grote vijgenboom groeit over een muurtje en overschaduwt het borstbeeld van Virginia. Aan het andere eind van de muur staat een borstbeeld van Leonard. Ze kijken allebei weg van het huis, in de richting van Virginia's tuinhuis-werkkamer.

Monk's House Rodmell, Lewes, BN7 3HF (East Sussex) (t) +44-1323-870 001

INFO: (t) +44-1372-453 401

·  www.nationaltrust.org.uk/historicproperties/index



Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Log in om een reactie te plaatsen