Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

Paprika

Ze zijn rood, oranje of groen, ze zijn het portret van een mooie zomer, ze zitten boordevol vitamine C en bioflavonoïden, ze zijn onmisbaar in de lekkere keuken, maar ze hebben ook belangrijke eigenschappen die nuttig kunnen zijn in de preventie van vele ziekten. Paprika’s zijn eigenlijk lekkere medicijnen, zomaar cadeau van de milde natuur. Vooral in de zomer kunnen ze in geen enkele rauwkostsla, maar ook niet in sausen en heerlijke vis en vleesschotels ontbreken.

Een beetje geschiedenis

Paprika is een wereldreiziger. De plant groeide voor het eerst op in Midden-Amerika en Zuid-Oost-Azië. De Spanjaarden brachten in de 15de eeuw wat zaad mee naar huis. Dat raakte ook in Arabische handen. Die gaven de paprika door aan de Turken en op die manier kwam de paprika terecht bij de Hongaren. Uiteindelijk maakten ook wij er ken­nis mee.

Om paprikapoeder te maken worden de grote paprika’s eerst gedroogd. Vroeger werden ze gewoon opgehangen aan een draadje. Daarna worden de gedroogde vruchten gema­len. Paprikapoeder wordt meestal vanaf het begin aan een bereiding toegevoegd. Vooral vlees krijgt er een zachte, kruidige smaak door. Paprikapoeder is dus niet, of matig, pikant.

Vitaminebom

Niet enkel in de keuken, maar ook voor de gezondheid zijn paprika’s uitstekend. Het is een prima inwendig ontsmettingsmiddel en is ook versterkend.

Bij reumatische aandoeningen kan paprika als pleister worden gebruikt.

Paprika’s bestaan in vele variëteiten. De meest bekende zijn de Spaanse, de lange, de Indische peper. De vrucht bestaat uit een vlezige doosvrucht, groen, geel, rood, of vio­let. Paprika heeft onder de groenten het hoogste percentage aan vitamine C: want 30 g paprika geeft reeds de helft van de dagelijkse behoefte aan vitamine C: 100-200 mg.

Het is een echte vitamine C-bom. Ter vergelijking: 100 g citroen bevat circa 35 mg vita­mine C. Minder bekend is dat paprika’s een nog veel hoger vitamine C-gehalte hebben dan citrusvruchten: 100 g groene paprika bevat ongeveer 11 0 mg vitamine C en rode paprika zelfs circa 250 mg. Om het in de winter ontstane vitamine C-gebrek te com­penseren is paprika dus bij uitstek geschikt.

Ook bioflavonoïden zijn aanwezig in paprika’s. Zoals de meeste groenten hebben ze weinig calorieën (22 Kcal).

Rode en groene paprika’s komen van dezelfde struik. De rode hebben er alleen enkele weken langer aangehangen. Zo kan je zeggen dat de groene paprika’s eigenlijk niet vol­ledig rijp zijn. Voor de gezondheid kies je dus beter de rode paprika’s.

Planten en oogsten

Ook voor een leek is de teelt van Spaanse groene pepers mogelijk, mits men over een koude kas beschikt.

Zaaien: gedroogde zaden van een rijpe paprika kunnen uitstekend uitgezaaid worden, maar we raden je aan een pakje zaad van een goede soort in de zaadhandel aan te kopen. Men zaait in februari-maart in warme kas of binnenshuis in zaaiteilen bij een bodemtemperatuur van 20°C. Na 8 à 10 dagen komt het zaad op.

Planten: men verspeent jonge plantjes van 3 cm lengte in kleine klei- of turfpotjes en houdt ze warm. Als ze 10 cm hoog zijn, kan men ze eventueel een tweede maal vers­penen in gewone bloempotten. Rond 15 mei worden de paprikaplanten in een koude kas uitgepoot op een afstand van 50-60 cm van elkaar. De teelaarde moet zeer voed­zaam, licht, maar mag niet pas bemest zijn.

De cultuur van Spaanse pepers verloopt zoals deze van de tomaat. De planten worden geluisd (zijscheuten wegnemen). Men laat de pepers op 3 bloemtrossen komen en topt ze (kop uitnijpen). Wenst men grotere vruchten, dan kan men hun aantal verminderen. Spaanse pepers kunnen zowel groen, geel als rood geoogst en gebruikt worden.

Zeer belangrijk: omdat Spaanse peper tot dezelfde plantenfamilie als de tomaat behoort, moet wisselteelt toegepast worden. Zet dus geen pepers op bedden, waar het jaar voor­dien tomaten stonden. Vanzelfsprekend moeten de planten opgebonden worden. Het zaad van paprika’s behoudt zijn kiemkracht gedurende 4 jaar.

En wil men zelf paprikapoeder maken, dan kan men het vruchtvlees van rijpe, rode pepers samen met wat zaadlijst en enkele zaden in stukken snijden, drogen en fijnmalen.

Goed poeder

De vrucht wordt vermalen tot poeder en dat wordt dan paprikapoeder of sambal. Uit klein paprika’s wordt cayennepoeder gemaakt en dat is rijk aan vitamines, maar heeft wel een zeer scherpe smaak.

De oranje paprika’s worden heel vroeg geplukt. Voordat ze rood of groen zijn, hebben ze water, warmte en lucht nodig. Eerst wordt de paprika groen en dan rood. Het hoog­ste vitamine C-gehalte bevatten de vruchten bij de overgang van de groene op rode kleur.

Grootmoeders tip van Winiefred

Paprikapoeder moet je vlak voor het einde van de bereidingstijd toevoegen. Alleen zo blijft het aroma behouden. In tegenstelling tot kerrie, dat moet meekoken of meebakken om zijn volle aroma te kunnen ontwikkelen.

Rode of groene paprika kiezen is niet alleen een kwestie van kleur maar ook van smaak. Rode paprika is zachter en zoeter van smaak, maar past als kleurbrenger, in kleine hoe­veelheden, meer dan de tomaat in bijna alle salades.

Tip: Voor fijne salades: paprika eventjes aanbraden en het velletje eraf trekken. Paprika ontwikkelt slechts geur en smaak bij zachtjes fruiten. In heet vet of olie wordt het bitter.

Praktisch

De Hongaarse paprikasoort is de beste. Steeltjes en zaadlijsten moet je wegsnijden. Het is een ideale aanvulling bij groente en vlees. Rauw kan je het gebruiken in ringen gesne­den, als garnering bij sla en vlees, onvervangbaar bij vleesbereiding of visragout. Bij ei, vis, bloemkool, raap, boon, boerenkool. In smalle repen snijden en aanmaken met olie­saus of mayonaise. In zuur ingemaakte vis en komkommer kan je er mee kruiden. Gekookt, gebakken, gesmoord verliest paprika zijn vitamine e. In het heet vet of olie wordt paprika bitter. Poeder enkel op het einde van de bereiding toevoegen, om het aroma te behouden! Bewaar paprika’s nooit in de koelkast, maar op een koele plaats. Bij lage temperatuur bestaat de kans dat ze gaan rotten. Paprika’s zijn onder optimale omstandigheden minstens 2 weken houdbaar na de oogstdatum. De meest delicate plaats van paprika’s ligt bij de steeltjes. Je bewaart ze bij voorkeur in een frisse omgeving (10°C tot 13°C). Afdekken tegen uitdroging!

Winiefred weet raad

Eet paprika en je zal niet enkel minder verkouden worden, maar ook sterker!

Recepten

Paprikapoeder

Ingrediënten:

1 paprika, 1 pepertje.

Bereiding:

Snij 1 paprika en 1 pepertje samen in kleine stukken daar­na drogen. Malen met de koffiemolen en je hebt poeder. De scherpheid van het poeder hangt af van de aantal zaadjes dat je bij het snijden erin laat.

Paprika’s gevuld met gehakt

Ingrediënten:

8 kleine paprika’s, 600 g gehakt (1/2 kalfsvlees en 1/2 varkensgehakt), 2 eieren, 100 g vers broodkruim, 100 g boter of margarine, muskaatnoot, peper en zout.

Bereiding:

Verwijder het steeltje van de paprika’s en haal er ook de pitten uit. Laat de vruchten enkele minuten in kokend, gezouten water blancheren. Laat ze uitlekken. Maak het gehakt met de eieren aan, kruid met verse peper, zout en muskaatnoot. Voeg er het geweekte en uitgeknepen broodkruim aan toe. Bestrijk een ronde ovenschotel over­vloedig met boter of margarine. Vul de paprika’s met het gehakt en schik ze in de schotel. Laat 20 tot 25 minuten in een matige oven bakken. Je kunt dit gerecht ook bak­ken in een hete oven als je de paprika’s met een vel alu­miniumfolie bedekt. Laat de paprika’s dan 15 minuten bakken, draai het vuur uit en laat nog 5 minuten in de oven staan. De prijs van dit lekkere gerecht is werkelijk niet te hoog. Wil je bet als hoofdschotel opdienen, dan mag je gerust iets meer bereiden. Drie halve paprika’s of twee kleinere exemplaren per persoon is zeker niet te veel.

Babypaprika’s gevuld met blauwe kaasmousse

Ingrediënten:

12 babypaprika’s, 125 g blauwe kaas (Danish blue, Gorgonzola, Roquefort), 1/8 l slag­room, 4 eetl. room, bieslook, peper en zout.

Bereiding:

Snijd de kapjes van de paprika’s en verwijder zo nodig zaad en zaadlijsten. Bewaar de kapjes. Klop de slagroom lobbig. Wrijf de kaas door een zeef en meng deze met de geklopte slagroom, room en fijn geknipte bieslook. Breng op smaak met zout en peper. Doe de massa over in een spuitzak en spuit mooie rozetten in de uitgeholde papri­ka’s. Zet de kapjes er weer schuin op en garneer met een sprietje bieslook.