Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

Problemen bij klimop - Hedera

Klimop of Hedera helix, komt van nature voor in loofbossen. Zijn groeikracht, klimvermogen, sterkte en wintergroen aspect maken van klimop een gegeerde plant voor allerlei toepassingen in tuinen en openbaar groen: als bodembedekker, voor gevelbegroening, als haagplant op bedrading enz.

Als zovele andere planten wordt klimop belaagd door een aantal kwalen:

  • een bacteriële bladvlekkenziekte
  • een bladvlekkenziekte veroorzaakt door schimmels
  • een aantasting door spintmijten.
     

Deze kwalen lijken op het eerste zicht sterk op elkaar, maar vereisen bij de behandeling wel een compleet verschillende aanpak. Een exacte diagnose is dan ook van het allergrootste belang
 

  1. De bacteriële bladvlekkenziekte wordt veroorzaakt door de bacterie Xanthomonas hederae.
    Deze bacterieziekte komt vooral voor bij klimop die als bodembedekker wordt toegepast. Wanneer klimop als bodembedekker wordt gebruikt ontstaat vrij snel een dik tapijt. Afgevallen bladeren en ander organisch materiaal blijven in de dichte mat gemakkelijk hangen. Bij langdurig vochtig en warm weer droogt deze dikke massa moeilijk op en krijgt de bacterie vrij spel. Typisch bij deze ziekte is het voorkomen aan de onderzijde van de bladeren van een natte zone rond de vlekken. Wanneer men een aangetast blad naar het licht houdt, bemerkt men rond de bladvlekken een typische olieachtige rong. Vandaar dat men ook wel eens van olie- of vetvlekkenziekte spreekt. Vooral in de late lente (mei-juni) en bij vochtig weer is deze ‘olievlek’ zeer duidelijk zichtbaar. Het centrum van de vlek wordt later perkamentachtig en valt uit, zodat er gaten ontstaan. Bij het vaststellen van deze olieachtige ringen is het raadzaam de klimop kort te maaien en bij het uitlopen van de nieuwe bladeren een bespuiting uit te voeren met de Cuprex 50% WG Wanneer deze ziekte niet tijdig wordt aangepakt, kan algemene bladval optreden en in erge gevallen zelfs leiden tot een volledig afsterven van de aanplant. Wanneer men klimop bemest, moet men er ook voor zorgen dat de stikstofgift ongeveer gelijk is aan de kaliumgift.
     
  2. De bladvlekkenziekte veroorzaakt door schimmels zoals Septoria of Colletotrichum komt zowel voor bij klimop die gebruikt wordt als bodembedekker als bij klimop die als haagplant werd aangeplant.
    De bladvlekken van deze ziekte gelijken sterk op deze van Xanthomonas hederae, maar vertonen geen glazige of olieachtige ring. Wel bemerkt men een perkamentachtig centrum in de vlekken, dat later uitvalt en dus voor grote gaten in de bladeren zorgt. Om deze ziekte in te perken is het raadzaam een behandeling uit te voeren met het schimmeldodend product Sporgon. Een herbehandeling na 3 weken vergroot het bestrijdingsresultaat. Ook afgevallen en zwaar zieke bladeren opruimen en meegeven met het huisvuil helpt de ziekte in te dijken, bovenop een bespuiting.
     
  3. Verwar de bladvlekkenziekten niet met de eveneens vaak voorkomende aantasting door de echte spintmijt (Tetranychus urticae).
    Spintmijten zijn zeer kleine organismen die zich vooral aan de onderzijde van de bladeren ontwikkelen (vergrootglas). Hierdoor worden ze vaak niet opgemerkt. Ze zuigen aan de onderzijde van de bladeren, hierdoor ontstaan aan de bladonderzijde kurkwoekeringen. Door het zuigen gaat aan de bovenzijde het blad op een of meerdere plaatsen geelachtig verkleuren, later verschijnen hierin donkerkleurige vlekken. De toppen van de scheuten blijven kaal of vertonen hoogstens enkele kleine bladstompjes. Aangezien spintmijten zich het best ontwikkelen bij droog en warm weer komt een aantasting vooral voor tijdens de zomer (juni). Vooral haagklimop, die veel zon en wind krijgt, is extra gevoelig. Spintmijten worden het best bestreden met speciale acariciden of spintmiddelen. Vooral het bestrijdingsmiddel  Masaï 20 WP  geeft uitstekende resultaten. Bij het bespuiten de planten goed bevochtigen (tot afdruipen) en eveneens de onderzijde van de bladeren behandelen. Spintmiddelen zijn immers contactmiddelen en men moet de mijten raken om een effectieve bestrijding te bekomen. Een herhaling van de behandeling na 2 weken wordt aanbevolen.
     
  4. Een nieuwkomer bij de belagers is het klimopboordertje.
    Deze komt de laatste tijd meer en meer voor. Bij een aantasting door deze kever ontstaan kleine boorgaatjes in stengels en/of stam. In het voorjaar kan je de kevertjes opmerken wanneer ze op een zonnige dag op de klimop zitten. Behandel de planten dan met een insecticide zoals Okapi