Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

Sissinghurst Castle- Vita Sackville-West

Sissinghurst Castle was de tuin van schrijfster Vita Sackville-West en diplomaat-journalist-biograaf Harold Nicholson. Als schrijfster was Vita Sackville West bij leven beroemder dan Virginia Woolf. Ze verkocht ook meer boeken.

Nu is ze vooral bekend omwille van haar tuin én door de boeken die haar zoon heeft uitgegeven over haar en over haar man en vooral over hun huwelijk. En natuurlijk voor haar tuin.

Sissinghurst Castle
(Paul Geerts)

clip_image001(77).jpg

Toen Harold Nicholson en Vita Sackville West Sissinghurst in 1930 kochten, was het een ruïne die jarenlang had leeggestaan. Van wat ooit een luxueus kasteel moet zijn geweest, waar koningin Elisabeth I nog logeerde, bleven alleen de ingangpoort, een toren en enkele bijgebouwen over. Hier en daar stonden nog enkele resten van muren recht. In het midden van de 18de eeuw waren er Franse oorlogsgevangenen ondergebracht en in de 19de eeuw had het dienst gedaan als gemeentelijk opvangcentrum voor landlopers. Tussen de resterende gebouwen en gebruik makend van de vroegere muren, maakten Harold en Vita "a little paradise out of a ruin". Waar vroeger de kasteelkamers lagen, creërden zij tuin'kamers'.

Eigenlijk zijn het tien verschillende tuinen, elk met een eigen sfeer, van elkaar gescheiden door nog resterende gebouwen, oude en nieuwe muren en taxushagen, maar toch met elkaar verbonden door openingen en doorkijken. Her en der verspreid in de tuin staan kunstig beplante vazen en potten en strategisch opgestelde standbeelden. De oude muren worden overwoekerd door tientallen klimplanten die in hun schijnbare (want sterk in de hand gehouden) tomeloosheid wedijveren met de meer formele aspekten van de tuin. Alles in deze tuin is de moeite waard, zodat het onbegonnen werk is om ook maar een begin van portret te schetsen. Ik kan alleen maar proberen u te doen verlangen om het met eigen ogen te zien.

Het begint al vanaf het ogenblik dat men onder de ingangspoort (de library) het vroegere binnenplein oploopt, waar men wordt overweldigd door de lange gemengde border waar alleen bloemen in alle tinten van purper bloeien. Aan het eind van die border komt men door een opening in de muur in de beroemde witte tuin die in zowat alle tuinboeken en -reportages wordt bejubeld en die honderden, zo niet duizenden tuinliefhebbers in alle landen heeft geïnspireerd.

Die witte tuin, pas aangelegd in het begin van de jaren '50, is een belevenis op zich. De formele indeling met vlekkeloos geknipte buxushaagjes is het werk van de classicus Harold, de exuberante beplanting met witte en crèmekleurige bloemen en grijsbladige planten, is het werk van de romantica Vita. Van vroeg in het voorjaar, als de eerste witte tulpen verschijnen, tot in de herfst als Leucanthemella serotina en de laatste dahlia's bloeien, is dit een festijn voor neus en oog. Bij het binnenkomen wordt men verwelkomd door de Solanum jasminoides 'Album', een klimplant die verwant is met onze aardappel en met de dodelijke nachtschade, en die over metalen bogen geleid wordt.

In het centrum van de witte tuin staat een cirkelvormige metalen konstruktie die als een enorme parasol begroeid is met de overvloedig bloeiende Rosa longicuspis. De huwelijksfeesten van de 2 zonen moesten wachten op het weekeinde dichtst bij 7 juli als deze roos op haar hoogtepunt is. In de hoek van de witte tuin, tegen twee muren, staat een eenvoudige houten pergola met een bank en een tafel, waar men zich, met enig geluk, even kan zetten om te genieten van dit tuintafereel. Een elegant standbeeldje van een maagd in de schaduw van een grijsbladige treurpeer, Pyrus salicifolia 'Pendula', vormt de kroon op het werk.

De witte tuin was oorspronkelijk een idee van Harold die, naar aanleiding van het Festival of Britain in de zomer van 1951, de tuin in bloei wilde hebben in juli en augustus omdat hij meer bezoekers verwachtte. De tuin was immers sinds 1938 tijdens de weekeinds geopend voor het publiek in het kader van het National Gardens Scheme. De witte tuin werd beplant voor het oog van de vele Observer-lezers. In haar wekelijkse tuinrubriek beschreef Vita in het voorjaar van 1950 de vorderingen. Ook de andere tuinen op Sissinghurst zijn stuk voor stuk juweeltjes van Engelse tuinkunst én een illustratie van het feit dat dé Engelse tuin of tuinstijl niet bestaat : De overwegend in geel-, rood- en oranjetinten aangelegde Cottage Garden voor de South Cottage met de schitterende rooswit bloeiende klimroos Madame Alfred Carrière die de hele voorzijde van het huis heeft ingepalmd ; de wat wildere kleine tuin naast het Priest's House (zo genoemd omdat daar vroeger de privé-kapelaan van het kasteel woonde, door de Nicholsons gebruikt als keuken en eetkamer) ; de moat walk, een droge arm van de vroegere slotgracht, die nu een laan vormt met links o.m. azalea's en rechts, over een muur kronkelend, witte wisteria's ; en de grote rozentuin, met tientallen oude rozelaars en bloeiende heesters zoals Ceanothus impressus en Hydrangea villosa, samen met yucca's, clematis en andere vaste planten. Die rozentuin was dé trots van Vita die ze beschreef in tal van artikelen voor The Observer en in haar beroemde gedicht "The Garden". Veel van de rozen werden gekozen omwille van hun literaire reminiscenties of omdat ze herinnerden aan een gemeenschappelijke passie, Perzië, waar Harold als diplomaat had verbleven aan het einde van de jaren 20 en waarover Vita enkele boeken schreef.

De boomgaard, op de plaats waar vroeger het centrale gedeelte van het kasteel stond, is van de rest van de tuin gescheiden door een lange gang tussen een dubbele taxushaag. Dit is het enige gedeelte dat mij elke keer weer tegenvalt. Misschien omwille van de rozen die m.i. in dit soort 'wilde' boomgaard niet thuishoren. Misschien ook omdat die boomgaard in 1987 zwaar te lijden had van de stormen waardoor heel wat bomen moesten vervangen worden zodat het nu wat kaal aandoet. Helemaal achteraan in de tuin ligt een overgebleven arm van de vroegere slotgracht waar de Nicholsons in de jaren 30 pleegden te zwemmen. Helemaal achteraan de tuin ligt een prachtige kruidentuin, omringd door hoge taxushagen. Voor liefhebbers van kruidentuinen is alleen dit al de verplaatsing meer dan waard. Bemerk ook het 'tapijt' van geurende looptijm aan de ingang.

Die kruidentuin vormt meteen de start van een stukje wilde schaduwtuin, de nuttery, waar Harold zijn geliefde hazelnoten plantte. Via de nuttery komt men in het privédomein van Harold, de lime walk, een smalle tuin met twee rijen gesnoeide leilindes (enkele jaren geleden heraangeplant en dus nog vrij jong) tussen beukenhagen. Harold noemde dit tuindeel M.L.F., My Life's Work. Al is het evenzeer het werk van Sidney Neve, de speciaal met dit tuindeel belaste tuinman die "goed maar traag werkte en betaald werd door Harold", zo noteerde Vita in haar dagboek. Op regelmatige afstanden staan Toscaanse terracotta-potten die Harold nog voor de oorlog voor 10 £ het stuk kocht in Venetië. Tussen de bomen groeien letterlijk duizenden lentebollen, die elk jaar opnieuw werden geplant. Dit tuingedeelte bloeit slechts enkele weken per jaar, maar in die periode is het een overweldigend beeld. Aanvankelijks stonden er Turkse tulpen, viooltjes, muscari, saxifrage en primroses.

Aan het einde van de lime walk komt men opnieuw in de rozentuin met de beroemde taxuscirkel. Men kan dan even bekomen van de vele indrukken op de houten Lutyensbank die geplaatst is tegen een halfcirkelvormige muur die helemaal begroeid is met een uniek exemplaar van de felblauwe Clematis 'Perle d'azur', in kombinatie met de wijnrank (Vitis vinifera) en de wilde wingerd (Parthenocissus henryana). Deze klimplanten werden door de huidige tuiniers geplant en hebben dus nooit in de tijd van de Nicholsons bestaan.

De befaamde architect Lutyens, hier te lande vooral bekend vanwege zijn samenwerking met de legendarische Gertrud Jekyll, zou deze tuinbank (en de kleinere versie aan het einde van de 'moat walk') volgens sommige toeristische gidsen speciaal voor Sissinghurst hebben ontworpen. Lutyens is echter nooit op Sissinghurst geweest en de banken waren oorspronkelijk voor een heel ander projekt bedoeld. Vita heeft ze geërfd van haar moeder die, toen ze in 1936 overleed, een hele serie tuindecoraties overliet aan haar dochter. Vita's moeder had ze gekregen van Lutyens met wie ze jarenlang een relatie heeft gehad. Dat neemt niet weg dat de bank er staat alsof ze inderdaad voor die plaats en alléén voor die plaats is ontworpen.

Sissinghurst is misschien de beste weerlegging van het nog steeds bestaande vooroordeel bij menig tuinbezitter dat een formeel aangelegde, sterk architecturale tuin saai zou zijn. De overal aanwezige struktuur van hagen en de strakke indeling zorgen integendeel voor een perfekt decor voor de vaak exuberante beplanting. Bovendien maken ze ook van een winterse tuin een streling voor het oog. Vanuit de toren, Vita's privé-domein, heeft men een globaal beeld op het ingewikkelde maar ingenieuze grondplan van de tuin. De tuin werd trouwens grotendeels ontworpen vanuit het vogelperspektief vanuit de toren. Ik raad de bezoeker echter aan zich eerst onder te dompelen in de sfeer van de tuin en pas na een eerste rondgang de toren te beklimmen.

Vanop het grasplein achter de toren krijgt men een ander beeld van de grootse visie van 'architect' Nicholson. Ga daarvoor in het midden van het grasveld staan, met de rug naar de toren. Links heb je dan door een opening in de muur (de Bishop's gate, zo genoemd vanwege een klein fresco met drie bisschoppen, meegebracht na een verblijf in Constantinopel) een zicht op de witte tuin, met aan het einde een standbeeldje. Terwijl je aan de rechterkant uitziet op het standbeeld dat aan het eind van de lindelaan is opgesteld, dwars door de taxusrondel en de rozentuin. Als je recht voor je uit kijkt, door de dubbele taxusgang en doorheen de boomgaard, staat aan het andere uiterste van de tuin, aan de overkant van de slotgracht, een standbeeld van Dionysos, dat tegelijk ook het eindpunt vormt van de zg. moatwalk. Eigenlijk heb je dus vanop die ene plek een zicht op de ganse tuin. Vooral de dubbele taxusgang is een bijna geniale architecturale vondst om het terrein te struktureren. Harold wordt algemeen beschouwd als de architect van Sissinghurst : hij ontwierp het grondplan, het geraamte van de tuin. Vita kleurde het overvloedig in. Traditioneler kan wellicht niet, alhoewel de Nicholsons niet zo'n traditioneel koppel waren en hun tuin zéker niet.

Het is overigens een al te romantische voorstelling van zaken dat Harold en Vita hun tuin helemaal alleen ontwierpen. Zo kregen ze b.v. gedurende enkele jaren hulp van de architekt A.R. Powys, die o.m. zorgde voor de impressionerende halfronde muur die de rozentuin afsluit. Terwijl Vita bij haar plantenkeuze kon terugvallen op gereputeerde plantswomen zoals Norah Lindsay (eigenares en ontwerpster van een andere beroemde tuin, Manor House in Sutton Cortenay in Oxfordshire en ook inspirator van een andere legendarische tuineigenaar, Major Johnston, ontwerper van Hidcote Manor Gardens) en Constance Spry (auteur van het vooroorlogse Flowers for House and Garden, die zelfs haar naam heeft gegeven aan een roos !) die geregelde bezoekers waren van Sissinghurst De tol van de roem Tijdens het leven van Vita - ze stierf op 2 juni 1962 op 70-jarige leeftijd, Harold in 1968 - was Sissinghurst al een begrip en een bedevaartplaats voor tuinliefhebbers, mede door haar tuinpoëzie en vooral haar tuinartikelen in The Observer en The New Statesman. Sissinghurst is nu eigendom van the National Trust (een stichting die historisch belangrijke gebouwen en tuinen beheert). De Trust heeft in de loop der jaren een aantal soms ingrijpende wijzigingen aangebracht aan de tuin (tuinpaden vernieuwd, de lindebomen in de lindelaan vervangen, de rozentuin heraangelegd, enz.). Een tuin is nu eenmaal een levend iets dat permanent evolueert. Maar de twee vrouwelijke hoofdtuiniers die nog voor Vita hebben gewerkt en door the National Trust werden overgenomen, en die worden bijgestaan door een team van 6 tuinmannen, staan er garant voor dat de oorspronkelijke sfeer toch zo veel mogelijk bewaard blijft.

Het succes eist natuurlijk ook zijn tol. Aan de buitenkant is een enorme parking aangelegd om de toeristenstroom (bijna 200.000 bezoekers per jaar !) te kunnen verwerken. Op piekmomenten, vooral dan in het weekeinde, wordt het bezoekersaantal in de tuin trouwens beperkt, en moet men vaak wachten om binnen te kunnen. Gelukkig zijn tuintoeristen, en zeker de Britse, niet al te luidruchtig en expansief. Buitenlandse toeristen die Sissinghurst even aandoen, op weg naar hun vakantiebestemming of op terugreis naar de ferry in Dover, omdat ze een fotoreportage hebben gezien in een of ander mondain tijdschrift of iets hebben gelezen of op TV hebben gezien over het bijwijlen pikante huwelijksleven van de Nicholsons, willen wel eens uit de toon vallen. Intens en passioneel Men kan zich moeilijk inbeelden dat twee mensen die gepassioneerd leefden en intensief deelnamen aan het culturele en politieke leven van de roerige jaren '20 en '30, die lang in het buitenland verbleven en jaarlijks grote reizen maakten, van Sissinghurst hebben gemaakt tot wat het nu nog altijd is. Dat ze b.v. ook nog de tijd vonden om lavendelzakjes en potpourries te maken. Ze hadden natuurlijk tuinmannen én -vrouwen in dienst, maar staken zelf ook aktief de handen uit de mouwen. Al moet dat laatste wellicht niet al te letterlijk worden opgevat. Vita b.v. tuinierde alleen maar zelf na vijf uur, als de tuinmannen en -vrouwen naar huis waren. Vita Sackville West en zeker Harold Nicholson waren geen saaie Engelse landlords die zich van de wereld afsloten en zich terugtrokken op hun riante landgoed.

Harold groeide als kind van een diplomaat op in St. Petersburg en Parijs. Zelf jarenlang diplomaat (zijn laatste diplomatieke post was Berlijn waar hij 2,5 jaar verbleef aan het einde van de roerige jaren '20) werd hij aan het einde van de jaren 20 journalist bij o.m. The Evening Standard en zetelde later een tijdlang in het parlement (voor Labour !), al was hij liever full time schrijver geworden (hij was trouwens boekenrecensent voor de Daily Telegraph). Hij was 40 toen hij zijn diplomatenbestaan opgaf om een meer gesettled bestaan te gaan leiden.

Vita van haar kant, kleindochter van de destijds vermaarde Spaanse danseres "Pepita" en de Britse edelman Lionel de tweede Lord Sackville, had het tuinieren zeker niet nodig als een vorm van vrijetijdsbesteding om de verveling en de eenzaamheid te verdragen of om zich een doel in het leven te geven.

Vita groeide als jong meisje op op het familiale landgoed Knole, eveneens in Kent dat een van haar voorvaderen, Lord Thomas Sackville in 1566 gekregen had van koningin Elisabeth. Knole werd algemeen beschouwd als het grootste privé-domein in Engeland. Toen de derde Lord Sackville, de vader van Vita in 1928 overleed, kon ze als vrouw geen aanspraak maken op Knole, dat overging naar haar oom die het in 1946, tot grote ergernis van Vita overliet aan de National Trust. Jarenlang verzette Vita zich tegen het feit dat ook Sissinghurst vroeg of laat zou overgaan in handen van the Trust.

Toen de Nicholsons in 1930 Sissinghurst kochten behoorden de stormachtige liefdeshistories van Vita al grotendeels tot het verleden. Op Sissinghurst ontvingen ze nog nauwelijks bezoekers - er was trouwens geen logeerkamer. In haar gedicht Sissinghurst uit 1931 schreef ze trouwens dat ze zich voortaan zou terugtrekken in country life en haar geboorterecht zou opnemen, "far from present fashion".

Het bijwijlen stormachtige huwelijk van Vita en Harold is uitvoerig beschreven in Portrait of a Marriage, het boek dat een 10-tal jaren geleden door hun zoon werd geschreven op basis van autobiografisch materiaal van Vita zelf (in vertaling "Portret van een huwelijk" bij De Bezige Bij). Dit boek werd enkele jaren geleden met sukses verfilmd door de BBC. Uit die verfilming werd spijtig genoeg wel de relatie tussen Vita en Virginia Woolf weggeschreven. Onlangs verscheen dan een selectie uit de meer dan 10.000 brieven die Vita en Harold elkaar schreven, eveneens verzorgd door zoon Nigel. Haar weinig traditionele levenswandel wordt misschien nog het best geïllustreerd door haar passionele liefdesaffaires met Virginia Woolf en vooral met haar jeugdvriendin Violet Trefusis.

Die affaire speelde zich, om te ontsnappen aan de resp. echtgenoten en aan de druk van het Victoriaanse Engeland, gedeeltelijk af in Frankrijk. Op een bepaald ogenblik moesten de verontruste echtgenoten hun vrouwen met een gecharterd vliegtuigje gaan halen in Amiens om af te zien van een definitieve vlucht naar griekenland. Aan het begin van de jaren '20 liep hun verhouding geleidelijk af, volgens het boek omdat Vilolette haar huwelijk met legerkapitein Denys Trefusis ten langen leste had voltrokken. Wat inging tegen de afspraak met Vita dat het een 'blank' huwelijk moest worden.

Haar relatie met Virginia Woolf was minder passioneel en minder seksueel. Toen ze elkaar leerden kennen was Vita 33, Virginia 43. Hun relatie begon vlak voor kerstmis 1925 terwijl Harold in Teheran verbleef. De relatie zou enkele jaren duren. In september 1928 reisden ze nog samen door Frankrijk, maar hun relatie liep toen op zijn einde. Vanaf Sissinghurst werden de bezoeken schaarser. En op 11 maart 1935 noteerde Virginia in haar dagboek : "Mijn vriendschap met Vita is over.... Er is geen bitterheid en geen desillusie, slechts een zekere leegte".

Het is eigenlijk merkwaardig dat de oerkonservatieve Vita (in een brief uit 1945 schreef ze : "Ik wou dat men het volk er nooit toe had bewogen op te staan van de plaats waar het hoorde. Van mij mogen ze allemaal net zo weldoorvoed en goedbehuisd zijn als TT-koeien, maar ook net zo diep denken." Dat belet niet dat Harold opkwam als kandidaat voor de Labourpatij in een mijnwerkersdistrikt, maar verloor. De enige verklaring voor hun tuinavontuur is dat ze tuinierden zoals ze leefden : intens en passioneel. Ook daarom is dit een bijzondere tuin. Eens ze Sissinghurst hadden gekocht, trok Vita zich meer en meer terug op haar landgoed, terwijl Harold het gros van zijn tijd doorbracht in Londen. "Another quiet day at Sissinghurst'

 

 



Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Log in om een reactie te plaatsen