Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

Stewartia: mooi in elk seizoen

Stewartia is een in onze tuinen nauwelijks bekende kleine boom of grote struik die in juni of juli bloeit met prachtige camelia-achtige witte bloemen, die in de herfst schitterend verkleurt en het hele jaar pronkt met een erg decoratieve, afbladderende schors.

In (vooral Engelse) tuinboeken wordt Stewartia ook wel eens als Stuartia geschreven. Eigenlijk is dat de juiste naam die verwijst naar de Britse edelman en botanicus John Stuart, derde Earl of Bute (1713-1792) en directeur van Kew Gardens. Maar toen de Zweedse plantkundige Linneaus in de achttiende eeuw zijn nieuwe systeem om planten (en dieren) te benoemen introduceerde, vergiste hij zich bij de naamgeving van de Stewartia. Hij had de plant nog nooit in het echt gezien, maar baseerde zich op een illustratie van de Duitse botanicus Georg Ehret waarop verkeerdelijk de naam Stewart voorkwam. De regels van de wetenschappelijke nomenclatuur verbieden retroactieve correcties zodat de door Linneaus gegeven naam Stewartia als de enig correcte moet worden beschouwd. Een gelijkaardige vergissing heeft zich trouwens voorgedaan met Wisteria (die eigenlijk Wistaria zou moeten heten, naar de Amerikaanse plantkundige Conrad Wistar). Om de invloedrijke familie Bute niet voor het hoofd te stoten, bleven de Engelsen lange tijd de naam Stuartia gebruiken. 

De Stewartia is nauw verwant aan de Camellia en de Franklinia, wat duidelijk te zien is aan de vorm van de bloemen en het blad. Hij wordt trouwens ook wel eens schijn- of boomcamelia genoemd. Net zoals de Camellia verkiest Stewartia een neutrale tot licht zure, humusrijke grond die goed doorlaatbaar is. In hun natuurlijke verspreidingsgebied groeien ze in de schaduw van hoge bomen, maar in ons eerder vochtige en niet zo hete zeeklimaat verdragen ze ook zeer goed volle zon. Daar is de prachtige herfstverkleuring trouwens beter dan in de schaduw. Wel is aan te raden om de voet van de stam met wintergroene struiken (bijvoorbeeld rododendrons) te beschermen tegen middagzon in de zomer en ochtendzon in de winter. Alle stewartia’s groeien traag en blijven ook na jaren relatief kleine, meestal meerstammige bomen of sterk vertakte struiken. Het geslacht Stewartia telt zeven bladverliezende soorten die in ons klimaat min of meer winterhard zijn.

Ze zijn afkomstig uit China, Korea en Japan aan de ene kant, uit de Verenigde Staten aan de andere kant. Fossielen die o.m. in Frankrijk zijn gevonden, wijzen erop dat de Stewartia voor de laatste IJstijd ook op grote schaal in Europa voorkwam – net zoals trouwens magnolia en ginkgo biloba. De bekendste en ook de enige soort die vrij courant wordt aangeboden bij ons is Stewartia pseudocamellia. De oorspronkelijke soort is afkomstig uit Japan. Ze werd rond 1860 in Europa geïntroduceerd door de Russische botanicus Maximowicz. In het begin van de twintigste eeuw werd in Korea een licht afwijkende vorm ontdekt die lange tijd als een aparte soort werd beschouwd, S. koreana, maar nu meestal als S. pseudocamellia var. koreana wordt aangeduid. Het is de meest winterharde en in ons klimaat ook de mooiste soort, vooral dan de Koreaanse variant. Het is een opgaande, meestal meerstammige en sterk vertakte boom of struik die maximaal een 10 m hoog en 5 m breed wordt. Hij bloeit in juni-juli met grote witte camelia-achtige bloemen en verkleurt schitterend oranjerood tot paars in de herfst. Ook de bruingroene schors die in grote plakken als een plataan afbladdert en dan een beige-geel-groen-bruin dambordpatroon vertoont, is erg mooi.

Er bestaan enkele cultivars zoals ‘Ballet’, ‘Milk and Honey’ (beide ontstaan in het Amerikaanse Polly Hill Arboretum) en ‘Harold Hillier’ (een cultivar van de Belgische amateurdendroloog Philippe de Spoelberch van het Arboretum van Herkenrode). Stewartia x henryae is een spontane kruising tussen S. pseudocamellia en S. monadelpha met iets kleinere bloemen, maar die in ons klimaat de mooiste herfstverkleuring zou geven. S. monadelpha kan in zijn thuisland Japan uitgroeien tot een flinke boom van wel 30 m hoog. Bij ons lijkt 15 m een maximum te zijn. De bloemen zijn relatief klein (zo’n 3 cm), maar zeer talrijk, en verschijnen pas eind juni. De schors bladert minder sterk af en in fijnere schilfers dan bij S. pseudocamellia en S. sinensis is het Chinese zusje van S. monadelpha. De bloemen zijn eerder klein maar geurend. Bijzonder aan deze soort is vooral de prachtige koperkleurige schors die in fijne repen afbladdert waaronder een nieuwe laag zit, rozig beige van kleur en zacht als de huid van een baby. Hij doet een beetje denken aan Acer griseum. Vooral in het zuiden van Engeland zijn magnifieke exemplaren te zien van deze soort. Bij ons is ze spijtig genoeg niet helemaal winterhard. Sinds enkele jaren zijn er ook planten op de markt onder de naam Stewartia gemmata. Naar alle waarschijnlijkheid gaat het om een (licht afwijkende) vorm van S. sinensis waarvan beweerd wordt dat hij beter winterhard zou zijn. De uit Japan afkomstige S. serrata is dan weer wel goed winterhard. Deze soort heeft ook een mooi afbladderende schors, verkleurt prachtig in de herfst en bloeit overvloedig in juni. Nadeel is echter dat de bloempjes zelden helemaal opengaan en snel afvallen.

We vermelden voor de volledigheid ook nog de uit China afkomstige S. rostrata. De bloei is weinig spectaculair, als hij al in bloei komt, en ook de schors is veel minder schilderachtig dan die van de andere soorten. Maar hij heeft heel opvallende ronde vruchtjes die heel de winter aan de boom blijven hangen. Uit het zuiden van de Verenigde Staten komen twee soorten die bij ons twijfelachtig winterhard zijn. De bloemen zijn iets groten dan die van de Aziatische soorten S. malacodendron ontwikkelt zich eerder tot een forse, dicht vertakte struik. Van alle stewartia’s heeft hij de spectaculairste bloei met grote witte bloemen met prachtig roodpaarse meeldraden. Nadeel is dat hij in ons klimaat last heeft van strenge vorst en meestal ook niet zo mooi verkleurt. Ook S. ovata is eerder een grote struik of een meerstammige kleine boom die het laatst van alle Stewartia’s bloeit. Hiervan bestaat een vorm ‘Grandiflora’ met extra grote bloemen. Ook deze soort is spijtig genoeg niet honderd procent winterhard en is dan ook alleen geschikt voor een beschutte en licht beschaduwde standplaats.

Auteur: Paul Geerts



Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Log in om een reactie te plaatsen