Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

Tips voor een vlindervriendelijke tuin

door Natuurpunt • Woensdag 2 Augustus 2017

We zien over het algemeen minder vlinders in vergelijking met vroeger. Ook in je eigen tuin kan je zelf iets doen. Gladgeschoren gazons met een coniferenrij ernaast hebben niet veel te bieden aan vlinders. In een meer natuurlijke tuin liggen veel meer kansen voor alle levensstadia van vlinders. En het vraagt vaak ook nog minder onderhoud.

Vlinders hebben nood aan waardplanten, veel nectarrijke bloemen ook in voor- en najaar, variatie in soortensamenstelling en hoogte van je planten, inheemse planten waar mogelijk, wildere hoekjes om te verpoppen of te overwinteren en uiteraard geen pesticiden.

Hieronder vind je alvast enkele tips om je tuin 'vlindervriendelijk' te maken.

Plantenkeuze

Voedsel voor rupsen – waardplanten

Volwassen vlinders zijn niet zo kieskeurig en drinken nectar van verschillende soorten bloeiende planten. Rupsen daarentegen, voeden zich meestal maar met 1 of enkele soorten. Vlinders gaan dus gericht op zoek naar deze planten. De planten waarop vlinders hun eieren leggen worden waardplanten genoemd.

Meer weten over welke waardplant door welke vlinder wordt gebruikt?

  • koninginnepage: wilde peen, maar ook op het loof van wortel, venkel en dille
  • groot en klein koolwitje: koolsoorten en andere kruisbloemigen, zoals damastbloem en koolzaad, oost-indische kers
  • klein geaderd witje: kruisbloemigen, zoals look-zonder-look en pinksterbloem
  • oranjetipje: look-zonder-look, pinksterbloem en judaspenning
  • citroenvlinder: vuilboom, wegedoorn
  • kleine vuurvlinder: schapenzuring, veldzuring
  • boomblauwtje: vuilboom, klimop, struikhei, hulst, wegedoorn, vlinderstruik en kattenstaart
  • icarusblauwtje: diverse klaversoorten zoals hopklaver, rolklaver en gewone rupsklaver
  • distelvlinder: diverse distelsoorten, kleine klit, kaasjeskruid en brandnetels
  • atalanta: grote en kleine brandnetel
  • dagpauwoog: grote brandnetel
  • kleine vos: grote brandnetel
  • gehakkelde aurelia: grote brandnetel, hop, iep, aalbes
  • landkaartje: grote brandnetel
  • bruin en oranje zandoogje: allerlei grassoorten
  • bont zandoogje: breedbladige overblijvende grassen zoals pijpenstrootje en witbol
  • kleine parelmoervlinder: akkerviooltje maar ook andere soorten viooltjes

 

Pinksterbloem, look-zonder-look, damastbloem en judaspenning zijn behalve een nectarbron voor veel soorten dagvlinders ook waardplanten voor oranjetipje en klein geaderd witje. Distels zijn zowel nectarplant voor veel soorten, als waardplant van de distelvlinder. En op zandbodems is sporkenhout de absolute topper: nectar gedurende een lange periode, en waardplant voor boomblauwtje en citroenvlinder.

Voedsel voor vlinders - nectarplanten

Vlinders zijn verzot op nectar. Die vinden ze in bloemen. Maar niet alle planten hebben nectar. Probeer ook om te zorgen dat er in je tuin het hele jaar door nectar te vinden is.

Hieronder een aantal planten die uitblinken in het aantrekken van dagvlinders:

  • Vlinderstruik (Buddleja sp.)
    Wellicht de meest bekende vlinderlokker. Hij trekt inderdaad vlinders aan als een magneet. Maar het is ook een exoot die wel eens kan gaan woekeren. Hou hem dus binnen de perken. Recent werd een vlinderstruik ontwikkeld die geen zaden vormt en dus niet kan uitzaaien, de Buddleja ARGUS. Hij bestaat in twee kleuren; paars en wit. Een goed idee dus om je vlinderstruik -indien nodig- te vervangen door zo'n steriele variant.
  • Wilg (Salix sp.)
    Wilgen zijn in het voorjaar een van de weinige abundante nectarbronnen. Naast vlinders komen er ook heel wat wilde bijen zich op voeden.
  • Beemdkroon (Knautia arvensis)
  • Sint-Janskruid (Hypericum perforatum)
  • Hemelsleutel (Sedum spectabile)
  • Gewoon knoopkruid (Centaurea jacea)
  • Koninginnekruid (Eupatorium purpureum)
  • Kruipend zenegroen (Ajuga reptans)
  • Slangenkruid (Echium vulgare)
  • Braam (Rubus sp.)
    Niet meteen een graag geziene tuingast, maar toch zijn bramen enorm geliefde nectarbronnen voor veel insecten waaronder dagvlinders. En voor jezelf zijn er in de zomer uiteraard de braambessen.
  • Zinia elegans
    Voor wie in de tuin toch liever wat meer exotische kleur uit hybride bloemen zoekt, vormen Zinia’s een idee. Het is een ideale nectarbron voor vlinders in de nazomer en herfst. Zinia is een forse plant van 50-75 cm hoog die overvloedig bloeit met grote bloemen (5-10 cm) in een variatie aan kleuren van eind juli tot aan de eerste vorst. Veel van de grotere vlinders blijven in de nazomer en het najaar dagen drinken van deze planten: atalanta, dagpauwoog, distelvlinder, koninginnepage, koolwitjes, kolibrievlinder, gamma-uil, zandoogjes, luzernevlinder, ... ze zijn er allemaal zot van. Zinia’s zijn ook zeer geschikt als snijbloem.

 

 

Veel of weinig nectar?

Niet alle bloemen hebben evenveel nectar. Sommige bloemen, zoals rozen en klaprozen, produceren zelfs helemaal geen nectar. Je zal er dan ook geen vlinders op vinden. Andere planten bevatten veel nectar (koninginnekruid, slangenkruid, braam …) en trekken heel veel vlinders aan. Het volstaat om ’n tijdje vlinders te volgen om te ontdekken welke planten hun voorkeur wegdragen.

Bereikbare nectar

Vlinders hebben een lange roltong. Hiermee kunnen ze tot heel diep in bloemen nectar gaan snoepen. Planten met gevulde bloemen vormen echter een probleem. Gevulde bloemen zijn meestal het gevolg van kunstmatige selectie van planten. Hierbij wordt geselecteerd op bloemen waarvan de meeldraden omgevormd zijn tot kroonblaadjes. Door al die kroonblaadjes kunnen de vlinders niet meer tot bij de nectarbronnen. Doordat de overblijvende meeldraden verstopt zitten tussen de vele kroonblaadjes zijn die bloemen ook voor andere insecten minder interessant.

Nectarrijke planten, het hele jaar door...

Zorg ervoor dat er nectar van in het vroege voorjaar tot in de late herfst te vinden is in je tuin. Tijdens de zomermaanden vinden vlinders genoeg voedsel, maar de vroege vlinders zoals kleine vossen en de late vlinders zoals atalanta’s en dagpauwogen hebben soms moeite om voldoende te eten te vinden.

In het voorjaar zijn wilg, sleedoorn, peperboompje en hazelaar belangrijke nectarleveranciers, evenals kruidachtige planten zoals groot hoefblad, longkruid, hondsdraf en krokussen.
In het najaar zijn hemelsleutel, koninginnekruid, laatbloeiende vlinderstruiken en klimop belangrijk.

Elke tuin is anders van oppervlakte, bodem, bezonning,... De optimale plantenkeuze kan dus verschillen tussen tuinen.

 

Lees verder op Vlindermee »


Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Log in om een reactie te plaatsen