Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

VIP

VIP.


Zoals plastic bloemen in een vaas, hebben sommige tuinbeelden geen enkele andere functie dan de schijn proberen op te wekken van mooi en nuttig te zijn. Soms geven ze dat ietsje meer aan een tuingedeelte dat er wat flets uitziet. En…, af en toe zijn ze niet wat ze lijken te zijn. 

De tuin heeft nood aan blikvangers, zo dachten mijn man en ik toen het grote prieel kaal stond te pronken aan de rand van het weiland. Tijdens de speurtocht naar de geschikte blikvanger vielen twee tuinbeelden ons in het oog. Het eerste was een loden beeldje: een nudistisch kleuterkind dat met de handen op de rug gevouwen nieuwsgierig opzij kijkt. Het tweede beeld was werkelijk uniek: een hoofd op een sokkel. Eén blok lood als was het hoofd uit de sokkel gehouwen. Het stond als saterhoofd beschreven in de catalogus. We waren verbaasd want het was een met bloemenkrans getooid lachend meisjeshoofd. Echt liefelijk en niks saterachtig. “We leven maar één keer”, zeiden we tegen elkaar. We bestelden de twee beelden en plunderden een deel van de spaarboek.

Al zeven jaar staan de beelden in de tuin. Het kleuterkind staat kouwelijk in z’n blootje op een blok ruwe graniet, midden in het prieel. Het kijkt dromerig naar het weiland. Soms denk ik, ben je het nog niet beu? In de winter lijkt het of het kind verbeten de koude trotseert. Dan heb ik de indruk dat het de beentjes wil strekken en, indien het zou kunnen, de handen van achter de rug zou halen, me zou groeten en met een zucht haastig zou voorbijlopen. Het tweede beeld staat in een border: het lachend meisjesgezicht met bloemenkrans.

gbjuli1(1).jpg

Na een jaar zag ik wat de catalogus bedoelde met de betiteling ‘saterhoofd’. De blik in haar ogen is niet guitig zoals ik eerst dacht. Ze kijkt spottend en de lach om haar mond is schijnheilig gekruld. Het hoofd veinst vriendelijkheid. Ze lacht de tuin uit. Niet alleen de tuin maar ook wij, de bewoners, worden met verholen ironie op de korrel genomen. Je ziet haar denken ‘maar mens toch, noem jij dat genieten, al dat werken in de tuin?’ Ze heeft ook een beetje gelijk, over al dat werk en zo. Want wanneer de open tuindagen stilaan naderbij komen, hebben mijn man en ik amper tijd om te genieten van bloemenpracht, ontluikende toestanden en poëtische tuinbelevingen. Die periode loop ik de sokken van mijn lijf om alles tiptop in orde te krijgen en snoeit mijn man de hagen met de heggenschaar, als een bezetene. 

Zij niet! Zij staat te glunderen op het mooiste plekje en kijkt recht, via het tuinpad, op het rozen-prieel dat begin  juni overkoepeld wordt met de ontelbare, wit-geurende bloemtrosjes van de liaanroos ‘Sir Cedric Morris’. Zij heeft een VIP plaats gekregen, zonder enige prestatie geleverd te hebben, en dat kan ik maar moeilijk verteren. Het ergste met zulke beelden is dat, eens ze bezit hebben genomen van je tuin, je er niet meer vanaf geraakt. Ze gaan eeuwen mee. Pas na een halve eeuw tonen ze wat milder, voegen ze zich bij de natuur en worden er mee één.

gbjuli2(2).jpg

Ik heb dus nog een hele tijd te wachten voor er sleet komt op dat fraaie, verdorven gezichtje. Waarschijnlijk loop ik krom van jicht, toch hoop ik dat ik nog mag beleven dat het topje afvalt van die perfecte neus, of dat een ferme barst die geveinsde lach ontsiert. Dan pas zal ik vrede met haar kunnen nemen. En zij met mij.

Greet Berghmans blaeckerhof@hotmail.com



Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Log in om een reactie te plaatsen