Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

Watertuin - November

Vermijd overvloedig blad

Hevige bladval vermijden we in de vijver. We moeten voorkomen dat bladeren naar de bodem zakken en een laag van organisch afval gaan vormen. Rottende bladeren geven methaangas af en kunnen, vooral wanneer de vijver is dichtgevroren, gevaarlijk zijn met vissterfte tot gevolg. Om niet dagelijks met een schepnetje in de vijver te moeten gaan schermen we onze waterplas af met een vijvernet. 

Gebruik liefst een fijnmazig net (maaswijdte 0,5 X 0,5 cm) waar ook de kleinere blaadjes niet door kunnen. Deze kleine mazen hebben bovendien het voordeel dat vogeltjes noch vissen noch kikkers erin verstrikt kunnen raken. Het net hoeft niet horizontaal over de vijver gespannen te worden, het kan ook in tentvorm. De bladeren schuiven dan langs de schuine kanten naar beneden, kunnen daar opgeraapt worden en naar de composthoop gebracht. Wanneer de zeurderige wind de laatste blaadjes van de loofbomen heeft geplukt mag het vijvernet weer opgeborgen worden.

ALHOEWEL: je kan het net ook gewoon laten liggen als bescherming tegen hongerige reigers. Is er reeds een sliblaag aanwezig op de vijverbodem dan kan u deze best nu in het najaar ook verwijderen. Handig hierbij zijn de vijverzuigers zoals de Pondovac 4. Bij een beperkte slibvorming kan je werken met producten die bestaan uit granulaten waaraan actieve zuurstof is toegevoegd. Deze strooi je in de vijver, ze zinken in het slib en oxideren dit slib. Vervolgens wordt het slib afgebroken door speciale bacteriën.

Ook handig is een drijvende skimmer zoals de Swimskim


Vijver- en waterplanten

Verwijder het grootste deel van de afgestorven planten. Vooral planten die aangetast waren door schimmelziektes of insecten snij je best weg. Laat wel nog een gedeelte staan als schuilplaats voor kikkers, salamanders... Stelen van oever- en moerasplanten laat je staan omdat ze een soort 'schoorsteenfunctie' hebben: ze zorgen ervoor dat methaangassen kunnen ontsnappen.

Sterk woekerende of te groot geworden planten kan je nu delen of uitdunnen en opnieuw planten. In de handel zijn speciale vijverscharen en vijvertangen verkrijgbaar. 

Niet winterharde waterplanten zoals waterhyacint, watersla en tropische watervarens haal je uit de vijver en overwinter je in met water gevulde bakken of emmers op een vorstvrije plaats.


Waterwaarden

Het is heel belangrijk om net voor de winter de waarden van het vijverwater nog eens te checken en eventueel bij te sturen. Vooral de hardheid (gH-waarde) kan nog sterk variëren en dit vooral als er in het najaar veel regenwater valt. Dat is namelijk vrij zacht. Door het in orde brengen van zowel de gH-waarde als de kH (carbonaatgehalte)-waarde zorgt u ervoor dat de bacteriologische huishouding optimaal blijft. Het is ook belangrijk voor een goede groei in het voorjaar van de zuurstofplanten.

Doordat de groei en werking van de planten in de winter zo goed als stil ligt, worden er geen voedingsstoffen meer opgenomen en omgezet in zuurstof. Door het verminderde zuurstofgehalte zullen de draadalgen hun kans grijpen om zich uit te breiden. Een vijver met 'groen' water in het voorjaar is het gevolg. Het is dan ook aan te raden om in het najaar nogmaals (net zoals in het voorjaar) een middel om algengroei te voorkomen toe te passen.


Vissen

Als uw vijver voldoende diep is (minimaal 80 cm) hoeft u zich om de vissen in de vijver geen zorgen te maken. Gezonde koudwatervissen overleven zonder probleem de winter. Uiteraard is dit niet geldig voor tropische vissen. Die moeten in een aquarium worden overwinterd. Voor mensen met een koivijver is vijververwarming aan te raden. Grote temperatuurschommelingen kunnen namelijk stress veroorzaken bij deze vissen.

Wat voeding betreft kan je in het najaar nog wat aangepaste voeding geven aan de vissen. Als de watertemperatuur echter onder 6°C is gezakt hoef je nauwelijks nog voeding te geven. Extra voeding wordt niet opgegeten en zakt naar de bodem en zorgt voor algengroei. Steur-vissen die vooral op de bodem leven kun je eventueel wel nog wat voeding geven.


Pompen en filters

  • Vijverpompen worden meestal in de late herfst uit de vijver gehaald en ergens vorstvrij bewaard. De meeste types zet men best ondergedompeld weg (bijvoorbeeld in een emmer water) in een vorstvrije ruimte zoals kelder of garage. Dit voorkomt het komen vastzitten van de bewegende elementen. Waterleidingen en afvoerleidingen die niet vorstvrij zijn aangelegd laat men best leeglopen om beschadigingen te voorkomen.
  • Filterbacteriën: Onder de 12-15 °C gaat de zuiverende activiteit van de filterbacteriën achteruit, wat kan leiden tot een grotere ontwikkeling van zweefalgen in het najaar; om de werking van de filter zo lang mogelijk op peil te houden, is een najaarsbehandeling met Optima Bact aangewezen zolang de temperatuur hoger is dan 10 °C.
  • Overweeg om een beluchter of luchtpompje te installeren.