Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

Vlinderstruik 'Tri-Color'

Buddleja davidii 'Tri-Color'

Foto: Vlinderstruik 'Tri-Color'

Foto: Vlinderstruik 'Tri-Color'
Foto: Vlinderstruik 'Tri-Color'
Foto: Vlinderstruik 'Tri-Color'

Algemene omschrijving

De vlinderstruik (Buddleja davidii) is een plant uit de helmkruidfamilie. In Europa is de soort vooral als tuinplant in gebruik, maar de plant komt ook verwilderd voor. De struik kan enige maar geen zeer strenge vorst verdragen, bij circa -15 °C kan de plant sterven.

De plant wordt vlinderstruik genoemd omdat de plant veel vlinders aantrekt. Een andere benaming is herfstsering, omdat de bloeiwijze op die van de seringen lijkt. De plant bloeit met langwerpige bloeiwijzen van juli tot september. De bloemen van de wilde soort zijn lichtpaars, maar kwekers hebben ook donkerpaarse, roze en witte cultivars ontwikkeld. Geelbloeiende vlinderstruiken in Nederlandse tuinen behoren meestal tot Buddleja × weyerana, een hybride waarvan de vlinderstuik een van de kruisingsouders is. Deze is matig winterhard. De meeste vlinderstruiken zijn bladverliezend maar er zijn ook groenblijvende soorten. De struik kan zo'n drie meter hoog worden.

Vereisten

De onderzijde van de struik verhout en verhoute delen geven geen bloemen, de struik moet daarom jaarlijks of eens per twee jaar gesnoeid worden. De belangrijkste snoei gebeurt in het voorjaar na de vorstperiode (in april), de vlinderstruik wordt het best gesnoeid tot zo'n 50 cm boven de grond. Als het warmer wordt, vormen zich vanuit de knopen nieuwe takken die later in het jaar bloemen zullen dragen. De snoei bevordert de conditie van de vlinderstruik en zorgt dat de plant niet te groot wordt. Een tweede moment om - naar keuze - de plant te snoeien, is na de bloei. Deze snoei is minder diep dan de voorjaarssnoei, en dient vooral om bruin geworden bloemen te verwijderen, en om het uitzaaien te voorkomen. Het is wel goed om flink wat takken op de plant te laten staan, omdat deze de plant tegen de vorst beschermen. Als de plant niet gesnoeid wordt, zal de struik binnen enkele jaren verhouten en alleen hoog bloeien. De oude takken raken bovendien vaak beschadigd door vorst, en vormen dan een invalspoort voor verwelkingsziekten.

Onderhoud

Het vermeerderen van de vlinderstruik gaat door middel van stekken of zaaien. De struik produceert veel zaad, maar de planten die hieruit groeien lijken zelden op de moederplant. Stekken is eenvoudig en geeft wel identieke jonge planten. Steek de toppen van afgeknipte takken (na de snoei) in het voorjaar in vochtige aarde, deze toppen moeten ongeveer 20 cm lang zijn. De takken wortelen makkelijk, waarschijnlijk zal een gewortelde stek nog hetzelfde jaar stevige takken met bloemen ontwikkelen. Stekpoeder bevordert de beworteling maar is niet echt nodig. Stekken kan ook in de zomer door een tak vlak onder twee bladogen af te knippen, de tak wordt met de bladogen in de natte grond gestoken. Ook nu voldoet luchtige humusrijke grond.

De struik kan vrij goed tegen zeewind en kan daarom een uitkomst zijn voor mensen die niet ver van de kust wonen.

Gebruik

De geslachtsnaam Buddleja is afgeleid van de Engelse botanicus Adam Buddle. De soortaanduding davidii verwijst naar pater Armand David. De naam wordt soms als Buddleia gespeld, maar de versie met de j is de correcte (oudste) naam. De plant komt van origine waarschijnlijk uit China.

 

Eigenschappen

Hoogte
0 - 300 cm
Kleur
  •   
  •   
  •   
  •   
  •   
  •   
Winterhard
Ja
PH
Neutraal
Vochtigheid
Normaal
Licht
Zon
Evergreen
Bladhoudend