Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

Foto: Atlasceder

Foto: Atlasceder

De atlasceder (Cedrus atlantica) is een boom uit de dennenfamilie (Pinaceae). Vroeger werd deze soort wel eens beschouwd als een westelijke ondersoort van de Libanonceder. De soort komt van nature voor in het Atlasgebergte en wordt sinds de 19e eeuw vaak aangeplant als sierboom in West-Europese parken en tuinen. In Zuid-Europa wordt de atlasceder soms bovendien aangeplant voor het hout. Een volwassen boom kan tot 40 meter hoog worden. De enorme hoogte die hij kan bereiken heeft tot gevolg dat hij in parken meestal gekapt moet worden voordat hij volgroeid is. De soort staat op de Rode Lijst van de IUCN geklasseerd als 'bedreigd'.

De kroon van de boom is breed en kegelvormig. De grote takken hebben een horizontale stand. De Himalayceder heeft opstijgende takken. De boomschors is glad en donkergrijs. Als de boom ouder wordt, komen er groeven in de boomschors te zitten en zo vormen zich grote platen, die afschilferen. De knoppen zijn glimmend, donkergroen of blauwachtig groen en hebben een lengte van 1-2 cm. Ze zitten vaak in bosjes van circa 40 stuks bijeen.

De mannelijke kegels zijn verschijnen in de herfst, zijn conisch en hebben een lengte van 3-5 cm.

Vrouwelijke kegels zijn rechtopstaand en rolrond met een uitholling aan de top. Ze rijpen in twee jaar tot een bleke, paarsbruine kleur en zijn dan 5-8 cm lang. De schubben vallen af en laten dan de gevleugelde zaden vrij.

Eigenschappen

Hoogte
1 - 1000 cm
Winterhard
Ja
PH
Neutraal
Vochtigheid
Normaal
Licht
Zon
Evergreen
Bladhoudend