Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

Dipelta floribunda

Dipelta floribunda  • 

Foto: Dipelta floribunda

Foto: Dipelta floribunda

Linnaea dipelta is een grote struik afkomstig uit China in de kamperfoeliefamilie.
Hij bloeit van mei tot juni met trompetvormige bloemen in trossen.
Het verdraagt de zon tot halfschaduw in redelijk vruchtbare, goed doorlatende grond.
De schors vormt zich tot lange stroken als het winter is.
Snoei de oudste takken na de bloei.

Caprifoliaceae. Dipelta, Grieks. dis: twee, pelte: schild, twee van de bloembladen zijn schildvormig.
Sierlijke bladverliezende struiken die vanwege de mooie roze of purperen bloemen gekweekt worden.
Bladen tegenoverstaand met korte steel, gaafrandig of getand, enkelvoudig.
Bloemen zijn buis/klokvormig met 1-2 bijeen, okselstandig of meerdere bijeen aan het eind van korte bladige zijtwijgen, stijl is korter dan de kroonbuis, 4 meeldraden, vruchtbeginsel 4-hokkig, doosvrucht met blijvende schutbladen.

Vier soorten komen voor in Centraal en W. Azië.
Ze lijken op Diervilla ’s in vorm, de bloemen in vorm lijken op die van Abelia. Onderstaande vorm is vrij goed winterhard.

Dipelta floribunda, Maxim. (overvloedig bloeiend) Bladstelen zijn 3-7mm lang en behaard.
Dunne en tamelijk grote ovaal tot lancetvormig bladeren staan aan dunne, bruin behaarde stelen, wat hangend, 5-12cm lang en 3-5.5cm breed met toegespitste top, flauw getande of gekartelde bladrand, donkergroen en van onderen iets lichter en aan beide zijden langs de nerven blijvend behaard.
Twijgen zijn eerst rood/bruin en behaard, later grijs en kaal, aan meerjarige takken afschilferend.
Bloemen staan met 1-2 stuks bijeen, okselstandig of aan het eind van korte zijtwijgen met 4-8 bloemen bijeen, aan dunne hangende twijgen van 2cm lang, licht roze met de onderlip met oranje vlekken, mei/juni, kelk met afstaande tanden, bloemkroon is 3.5cm lang, 2-lippig, kroonlobben iets afstaand, de onderste lip duidelijk oranje/geel gestreept, 4-2 machtige meeldraden die met de stijl niet boven de kroonbuis uitsteken.
Een mooie opgaande vorm met later sterk overhangende twijgen die een zeer brede struik vormt.
Uit W. China. Wordt 3-5mtr. hoog. Is beschreven in 1907.

Eigenschappen

Hoogte
1 - 300 cm
Winterhard
Ja
PH
Neutraal
Vochtigheid
Normaal
Licht
Schaduw
Evergreen
Bladverliezend