Wil ook jij specifieke informatie ontvangen over jouw tuin?

Heb je reeds een MijnTuin.org account? Aanmelden

Zeepostelein

Honckenya peploides

Foto: Zeepostelein

1. Wikipedia:

Zeepostelein (Honckenya peploides) is een halofyte plant uit de anjerfamilie (Caryophyllaceae). De soort komt vooral voor op het strand en in de duinen. De bladeren zijn vlezig en dik. De plant wordt 5-25 cm hoog en is grotendeels kruipend. De soort heeft opstijgende zijtakjes. Het blad is tegenoverstaand, vlezig, eirond en kaal met meestal een geelachtig groene kleur.

De plant bloeit alleenstaand in de bladoksels van juni tot augustus. De bloem is groenachtig wit en heeft een doorsnede van 0,6-1 cm. Er zijn vijf kroonblaadjes. De plant draagt een doosvrucht die gewoonlijk rond is. Er zijn drie opengaande tandjes.

2. http://wilde-planten.nl:

Namen
Nederlands: Zeepostelein
Frysk: Seeposlein
English: Sea Sandwort (Seabeach Sandwort)
Fran├žais: Pourpier de mer
Deutsch: Salzmiere
Wetenschappelijk: Honckenya peploides (Honkenya peploides)
Familie: Anjerfamilie, Caryophyllaceae
Geslacht: Honckenya, Zeepostelein
Naamgeving: Honckenya is genoemd naar G. A. Honckeny (1724-1805), een Duitse botanist die een flora over Duitsland schreef. Peploides betekent " Wolfsmelkachtig" .

Beschrijving
Afmeting: 5 tot 30 cm.
Levensduur: Overblijvend. Geofyt (winterknoppen onder de grond) of hemikryptofyt (winterknoppen op of iets onder de grond).
Bloeimaanden: Mei, juni, juli en augustus.
Wortels: Worteldiepte 10 cm tot 1 meter.
Stengels: De liggende stengels zijn geelgroen, met opstijgende takken. Ze wortelen op de knopen. De plant vormt plakkaten.
Bladeren: De vlezige blaadjes zijn eirond, spits, kaal en0,5 tot 2 cm. Ze groeien kruisgewijs dicht op elkaar.
Bloemen: Tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De witte of groenachtige bloemen groeien alleen of in kleine, bebladerde groepjes. Ze zijn 0,6 tot 1 cm in doorsnee en de kroon is iets korter dan de kelk.
Vruchten: Een doosvrucht. Tweezaadlobbig (kiemend met twee kiemblaadjes).

Biotoop
Bodem: Zonnige, open plaatsen op vochtige, matig voedselrijke, brakke grond. Plaatsen waar aanspoelsel of ander organisch materiaal onder stuivend zand is bedolven (zand, kiezel en tussen stenen).
Groeiplaatsen: Zeeduinen (op met zand bedekte vloedmerken - plekken waar organisch materiaal onder het duinzand ligt en pionierduintjes van biestarwegras), op zandduintjes langs het IJsselmeer en zeedijken (in voegen van basaltglooiingen). Zelden in een vrij gesloten grasmat.

Eigenschappen

Hoogte
1 cm